Faq over het vak
Soms krijg ik vragen van scholieren vragen over mijn beroep. Die beantwoord ik soms wel, soms niet. Dat hangt af van de tijd die ik over heb. Om een algemeen verhaal te hebben, heb ik hier wat “frequently asked questions” met mijn antwoorden gemaakt. Nog meer vragen? Mail ze maar en dan zal ik er wel een antwoord op bedenken.
Hier zijn vragen van o.a. Shagufta Ahmad, die zelf dokter wil worden, en van Ravenna, die een werkstuk maakt, en van Sarah, die er helemaal induikt.
- Hoe lang moet je studeren voor een huisarts? En hoe oud ben je dan ongeveer als je klaar bent?
- Wat voor advies moet je halen voor een huisarts?
- Zijn er veel vakanties of niet en heeft u wel open dagen?
- Hoeveel verdient u per maand precies? En vindt u dat wel genoeg?
- Hoe lang bent u al huisarts?
- Vindt u huisarts wel een hele leuke beroep?
- Is het niet al te moeilijk om een huisarts te worden?
- Hoe voelt het om een patiënt beter te maken?
- Hoe is de dagindeling?
- Welke benodigdheden zijn er voor het beroep?
- Naar welke scholen ga je voordat je huisarts bent?
- Hoeveel uur bedraagt uw gemiddelde werkweek, en hoeveel vakantiedagen zijn mogelijk als zelfstandige? Ik wil na mijn co-schap waarschijnlijk huisarts worden en vraag me af hoe het zit met vrije tijd.
- Heeft u ook in andere praktijken gewerkt?
- Hoeveel doktersassistentes heeft u in dienst
- Hoe groot is uw praktijk?
- Door wat voor soort bezoekers (studenten, ouderen, allochtonen etc.) wordt uw praktijk het meeste bezocht?
- Wat zijn de werktijden voor uw assistente(s)?
- Wat voor accomodatie heeft u in uw praktijk voor kinderen? (speelatributen)
- Bent u tevreden met uw CAO regeling?
- Heeft uw praktijk aanpassingen voor gehandicapten?
- Hoe bent u op het idee gekomen om dit beroep te gaan doen?
- Wat is het grootste nadeel van deze baan?
- Wat is het leukste wat u hebt meegemaakt tijdens het werken?
- Wat is het ergste wat u hebt meegemaakt tijdens het werken?
- Moet u wel eens moeilijke beslissingen nemen?
- Kunt u eens zo’n beslissing noemen?
- Welke talenten moet iemand bezitten voor dit werk?
- En welke persoonlijkheden?
- Wat betekent dit werk voor u?
- Als u opnieuw kon kiezen, koos u dan hetzelfde?
- Wat zijn de kansen op werk voor mensen in dit beroep?
- Welke tip of goede raad zou u mij willen geven?
- Heb je met verloskunde en verpleegkunde te maken tijdens de studie?
- Werkt een huisarts in de weekend?
- Moet een huisarts werken als die ziek is ?
- Mag een huisarts zelf uitmaken op welke dagen hij werkt?
- Wat moet je nog weten nadat je huisarts bent geworden?
- Heb je als huisarts ook tijd voor jezelf?
- Kan je naast huisarts een ander opleiding/beroep uitoefenen, zoals farmakunde?
- Gaat een huisarts alleen op bezoek bij mensen in de buurt?
- Waarom is het belangrijk dat een huisarts goed moet kunnen onthouden en veel vragen moet kunnen stellen?
- Heb je meer vrije tijd als je in een ziekenhuis werkt dan in een eigen bedrijf?
- Is het duur om een dokter te huren?
- Heeft een huisarts veel avond- en nachtdiensten?
- Vindt u persoonlijk geneeskunde studeren en huisarts zijn wel leuk?
- Wat moet een basisarts kunnen voordat hij zich verder specialiseert?
- Wat is tegenwoordig de taak van de dokterassistente die bij een huisarts werkt?
- Wordt u automatisch uitbetaald als u ziek bent op uw werkdagen?
- Is het goed kunnen begrijpen van het Engels en het kunnen spreken belangrijk in deze opleiding en dit beroep?
- Wat is er zo zwaar aan het werk dat huisartsen verrichten?
- Hoe moet een huisarts omgaan met patienten en hoe doet u dat?
- Gaat u met patienten uit verschillende culturen anders om? Kunt u ze wel begrijpen?
- Hoeveel en welke personeel heeft u in dienst?
- Zit er in de huisartsenpost waarin u werkt meer vrouwen dan mannen?
- Als je een dokter wilt huren kost dat 50 euro per uur, is dat niet goedkoper dan het huren van een garage of loodgieter?
Antwoord 1
Eerst moet je geneeskunde studeren aan een universiteit. Dan ben je basisarts. Dat is een dokter met een diploma, maar nog zonder specialisatie. Dan volgt voor iedere arts nog een specialisatie in een bepaalde richting, bijvoorbeeld
kinderarts, chirurg of huisarts. De specialisatie tot huisarts duurt 3 jaar. Als je van het VWO afkomt, ben je 18 jaar. Dan nog 6 jaar studeren en dan ben je basisarts. Dan nog drie jaar specialisatie. Dan ben je dus 27 jaar als je
klaar bent.
Antwoord 2
Wat bedoel je met het advies? Is dat iets wat je van jouw eigen school krijgt, een soort studie-advies. Als het zo iets moet zijn, dan denk ik dat het antwoord moet zijn dat je VWO moet kiezen na de basisschool.
Antwoord 3
Vakanties hebben we eigenlijk helemaal niet. Dat klinkt wat vreemd misschien, maar het zit zo. Huisartsen zitten samen in een huisartsengroep: een clubje huisartsen van ongeveer 3-10 personen. Als er een met vakantie gaat, neemt de
rest van het clubje waar voor de afwezige. Ik moet dus, gratis, voor mijn collega's werken op het moment dat zij vrij zijn, om zelf met vakantie te kunnen gaan. Er is nog een andere mogelijkheid, maar die is niet gratis: een dokter
huren die in mijn praktijk komt werken als ik met vakantie ga. Dan kunnen de mensen in mijn vakantie naar die dokter gaan.
Zo zie je dat we geen vakantie hebben, tenzij we gratis voor een ander werken of een dokter huren en dat doen we natuurlijk, want wij willen ook graag met vakantie. In onze huisartsengroep hebben we afgesproken, dat iedereen van de
groep in een jaar 30 dagen met vakantie mag en 10 dagen op cursus. Iedere dokter doet dus maximaal 40 dagen gratis werk voor de anderen. Als je meer dagen weg wilt, moet je een dokter huren.
Antwoord 4
Eerlijk gezegd, weet ik helemaal niet hoeveel ik per maand verdien. Ik werk zelfstandig, net als een bakker of iemand met een kapperszaak. Als zelfstandige krijg ik geen loon van een baas. Ik krijg dus ook geen loonstrookje en daarom
weet ik mijn salaris niet precies. Wel krijg ik één keer per jaar een overzicht van het geld dat er door patiënten en verzekeringen aan mij is betaald voor mijn werk en van de kosten die ik heb gemaakt. Ik heb er wel een
accountant voor nodig om dat overzicht goed te begrijpen.
Een huisarts krijgt per jaar een behoorlijk bedrag binnen en daar gaan dan weer een heleboel kosten vanaf. Huisartsen hebben meestal personeel in dienst en dat kost vrij veel. Verder moet ik natuurlijk huur betalen voor mijn praktijk
(dat is het kantoor waarin ik werk), verwarming, electriciteit, spullen die ik gebruik, gereedschap, benzine voor de auto enz.
Als je al die kosten aftrekt van het geld dat is binnengekomen, heb je geld over. Van dat geld moet nog belasting betaald worden. Wat daar dan van over blijft is een behoorlijk bedrag om van te leven. Maar huisartsen werken wel heel
veel uren per week. En als je dan uitrekent, hoeveel geld je per uur verdient, dan is het weer niet heel erg veel voor zo'n zwaar beroep, waar je ook nog zo lang moet studeren.
Tja, en of ik het wel genoeg vind? Het antwoord is “eigenlijk niet”. Je hebt misschien wel gehoord van stakingen door huisartsen. Die gingen natuurlijk om geld. In de afgelopen jaren hebben huisartsen heel veel extra werk
gekregen en niet ook evenveel meer geld erbij. Daardoor zijn de kosten van ons werk wel groter geworden, terwijl we niet voldoende verdienen om bijvoorbeeld extra personeel in dienst te nemen. Daar moet nog steeds heel veel aan gedaan
worden.
Antwoord 5
Vanaf 1986
Antwoord 6
Ja, het is erg leuk om te doen, maar het is ook zwaar werk, omdat er veel tijd en energie van je gevraagd wordt.
Antwoord 7
Nou ja, de opleiding is nogal lang, vind je ook niet? Moeilijk is het niet, als je redelijk goed theorie kunt leren. Je moet goed kunnen onthouden.
Antwoord 8
Als het gebeurt, is dat erg leuk. Je kunt er een blij gevoel van krijgen en het kan een vervelende dag weer mooi maken. Maar... het gebeurt niet zo vaak dat een dokter een patiënt echt geneest. Erg veel ziektes gaan vanzelf over,
ook als de dokter niets doet. Sommige ziektes gaan helemaal niet over, ook al doet een dokter nog zo zijn best. Per slot van rekening gaat iedereen een keer dood en dàt kan een dokter wel vertragen, maar niet tegenhouden. Je hebt
zeker al gelijk met jouw vraag: vaak genoeg doe je als dokter iets waardoor de patiënt er beter van wordt. De patiënten vinden dat fijn en laten dat vaak weten met bedankjes en vriendelijkheid. Bovendien zie je zelf ook het
resultaat. Als dat allemaal niet zo was, zou ik ermee stoppen.
Antwoord 9
De dagindeling is nogal simpel en bestaat uit het spreekuur, patiënten bezoeken, overleg met de assistente, extra's. De dag begint met het spreekuur. Dan komen er patiënten met klachten, problemen, vragen en ziektes
langs. Iedereen heeft van tevoren een afspraak gemaakt met de assistente. Het spreekuur duurt ongeveer tot 11.00 - 12.00 uur. Dan moet ik even met mijn assistente overleggen over haar werk. Zij heeft met patiënten per telefoon
vragen gekregen en afgesproken dat ze die mensen met mijn antwoorden zal terugbellen. Andere mensen hebben een recept voor medicijnen gevraagd. Op die recepten moeten mijn handtekening komen voordat ze naar de apotheek worden gestuurd.
Dan ga ik mensen bezoeken die te ziek zijn om naar de praktijk te komen. Dan ga ik eten. 's Middags begin ik weer met een spreekuur, dan weer overleg en dan weer bezoeken aan mensen thuis. Dokters noemen dat trouwens “visites
rijden”, een beetje vreemd maar waar. Daarna ga ik warm eten. 's Avonds is er ook bijna altijd iets te doen voor de praktijk, de extra's: boekhouden, studeren (ja, dat blijft altijd doorgaan), cursus, vergaderen met
collega's enz.
Antwoord 10
Een huisarts heeft allerlei spullen nodig. Denk maar aan een bureau, computers, telefoon en een koelkast en een koffiezetapparaat omdat ik van koffie houd. Voor het dokterswerk zijn er echte doktersspullen, die ook vaak mooie
doktersspullennamen hebben en die een dokter ook vaak meeneemt als hij visites rijdt:
- stethoscoop om de borstkas of de buik te beluisteren
- otoscoop, een lampje om in de oren te kunnen kijken
- een oorspuit om oorsmeer uit het oor te spuiten; dat gebeurt met water
- bloeddrukmeter
- reflexhamer, waarmee je o.a. op een knie slaat om te zien of het been dan beweegt
- glucosemeter om het gehalte van glucose in het bloed te meten bij mensen met suikerziekte
- allerlei medicijnen om in te spuiten bij zieke mensen
- de spuiten en naalden
- een sterilisator, om instrumenten steriel te maken: door instrumenten heel erg heet te maken, gaan de bacteriën op die instrumenten dood, zodat je niet ziek wordt als je behandeld wordt met die instrumenten
- de instrumenten: schaartjes, mesjes, pincetten om kleine operaties uit te voeren en naaldvoerders om wonden te hechten
- speciale hechtdraad met naaldjes eraan om wondjes te hechten
- nog wel meer, maar dan moet ik nog wat langer nadenken
Antwoord 11
Je gaat naar de basisschool, VWO, de universiteit om geneeskunde te studeren. Als je daarmee klaar bent, ben je basisarts. Dan volgt nog de driejarige specialisatie tot huisarts. Die volg je aan een huisartsinstituut. Dat is ook
eigenlijk een soort school, want daar kom je ongeveer één dag per week voor theorielessen. Maar de rest van de tijd aan het huisartsinstituut werk je zelfstandig als arts bij een andere huisarts of loop je stage bij een
ziekenhuis of een verpleeghuis.
Antwoord 12
Het is geen beroep van 8 tot 5. Een huisarts met een solopraktijk maakt toch zeker 55 uur in de week en ik denk dat mijn gemiddelde werkweek wel eens 65 uur kan zijn. Heel wat specialisten komen ook wel op zo'n werkweek uit.
Vakanties zijn er eigenlijk helemaal niet, maar je regelt natuurlijk onderling wel wat met de collegae, zoals ik ook schreef bij antwoord 3. Als je veel vrije tijd zoekt, moet je denk ik, helemaal geen dokter
worden.
Antwoord 13
Voordat ik deze praktijk had, heb ik wel in andere praktijken waargenomen. Dat was meestal maar voor een paar weken.
Antwoord 14
Onze praktijk heeft vier assistentes, samen 1,8 fte
Antwoord 15
Tussen de 2500 en 2600. Dat is hier in de streek aan de kleine kant.
Antwoord 16
Door ouderen het meest en dat is ook wel te verwachten, omdat ouderen meer zorg nodig hebben.
Antwoord 17
assistentes werken van 8.00 uur tot 17.00 uur
Antwoord 18
Van alles wat. Er is een speelhoek met een tafeltje en stoeltjes. Speelgoed, boekjes, duplo e.d. De favoriet is het plastic keukentje.
Antwoord 19
Je bedoelt waarschijnlijk de CAO-regeling voorr de dokterassistentes. Ik ken de regeling niet goed. De beroepsorganisatie doet de onderhandelingen en ik voer die uit. Als die partijen eruitgekomen zijn, zal het wel goed zijn.
Antwoord 20
Alleen verbrede deuropeningen. Er is een stoepje voor de deur, waardoor de entree niet gemakkelijk is. Nou komen rolstoelrijders niet zo vaak bij de dokter. Vaak gaat de dokter naar die patiënten toe. De enkeling die wel langskomt
in de rolstoel redt zich wel. We denken na over verhuizing dus daarom is dit nu niet zo'n "hot issue".
Antwoord 21
Dat weet ik ook niet meer zo precies. De belangrijkste reden om huisarts te worden was wel dat ik graag de geneeskunde in de breedte wilde uitoefenen. Ik kan ook moeilijk kiezen. Dat zal wel de echte reden zijn, denk ik.
Antwoord 22
Het grootste nadeel is dat het niet een baantje is dat je er even bij doet. Het vraagt lichamelijk en geestelijk vrij veel energie. Het werk is niet altijd goed te plannen. Daarom is het lastig om een keer een dag rustig aan te doen.
Antwoord 23
Dat is moeilijk te zeggen. Er zijn heel veel leuke dingen te beleven, zowel met de patiënten als ook wel in de praktijk zelf. Bovendien varieert het nogal in de loop van het leven. In het begin is het leuk als je iets zeldszaams
snel ontdekt, maar later is het weer leuker als de organisatie goed loopt en als je merkt dat de band met de patiënten is gegroeid.
Antwoord 24
Het overlijden van een kind.
Antwoord 25
Niet echt. De meeste beslissingen neem je toch in overleg met de patiënt. Meestal is het niet moeilijk uit te leggen wat de overwegingen zijn. Uiteindelijk komt er dan wel iets uit de bus waar dokter en patiënt het over eens
zijn.
Antwoord 26
Ik herinner me dat het wel eens lastig is geweest om te beslissen of iemand nu wel of niet in aanmerking komt voor terminale sedatie. Ook hier sta je als huisarts niet alleen voor. Er is overleg mogelijk met de patiënt en evt. met
collegae.
Antwoord 27
In elk geval moet je intelligent genoeg zijn voor een universitaire studie, goed kunnen onthouden want dit vak heeft nogal veel weetjes. Je moet een bedrijfje kunnen leiden. Je moet handig zijn voor het handwerk dat we nog wel doen. Je
moet het leuk vinden om met patiënten om te gaan. Je moet niet bang uitgevallen zijn. Je moet tegen onzekerheid kunnen, want een huisarts ziet een patiënt vaak op het moment dat het nog niet zo duidelijk is of er iets aan de
hand is.
Antwoord 28
Persoonlijkheid heeft er niet zo heel veel mee te maken, denk ik. Je moet wel geestelijk redelijk in balans zijn en blijven.
Antwoord 29
Het betekent vooral heel veel persoonlijk contact op een dag. Dat kan een droevig contact zijn of juist heel vrolijk en vol humor. Ik vind het belangrijk dat ik bijna elke dag met plezier naar mijn werk kan gaan. Verder betekent het
vorm kunnen geven aan een functie die ik belangrijk vind en gelukkig vinden anderen dat ook.
Antwoord 30
Ik weet niet of ik weer hetzelfde zou kiezen. Ik kan namelijk moeilijk kiezen want ik vind zoveel dingen wel leuk om te doen. Laat ik zeggen dat ik geen spijt heb van mijn keuze.
Antwoord 31
De kansen op werk lijken me groot. In de toekomst is er steeds meer behoefte aan dokters.
Antwoord 32
Een tip is lastig te geven als je iemand niet kent. Ik denk dat je je niet moet blind staren op de schone schijn. Een huisarts wordt haast nooit een held en zeker nooit miljonair. Ga na wat je gevoel is over dit beroep na alles wat je
er over gelezen hebt. Ga dan na of je dit vak je hele leven zult willen uitoefenen. Over de studie hoef je je niet druk te maken. Die is alleen maar leuk.
Antwoord 33
Tijdens de studie kom je wel in aanraking met verloskunde. Je kun er een co-assistentschap in doen en dan leer je ook wel zwangeren en bevallingen te begeleiden. Verpleegkunde is een vak waarin ik zelf nooit les heb gehad, maar dat is
ook wel weer een vak apart. Je komt in de opleiding wel veel in aanraking met verpleegkundigen. Sinds kort zijn er ook verpleegkundigen in de huisartsenpraktijk werkzaam, die ook zelfstadig spreekuur houden. Verder krijgt de huisarts
regelmatig te maken met de wijkverpleegkundige: een verpleegkundige die bij de mensen thuis komt. Dat lijkt mij één van de leukste beroepen in de verpleging, maar ja het lijkt ook het meeste op mijn beroep..
Antwoord 34
Een huisarts werkt ook wel in het weekend, maar niet in ieder weekend. Alleen als je in een bepaald weekend bent ingedeeld voor een gedeelte van de weekenddienst, moet je dat deel werken. Zo'n deel is bijvoorbeeld een avond, een
nacht of een dag in het weekend.
Antwoord 35
Een huisarts hoeft niet te werken als die ziek is, want huisartsen werken in groepen van huisartsen (een huisartsengroep of afgekort hagro) die voor elkaar waarnemen tijdens vakanties of ziekte. De patiënten worden dan naar een
andere huisarts gestuurd, meestal in de buurt van de zieke huisarts. De andere huisartsen van de hagro moeten dan extra atiënten behandelen zolang de zieke dokter afwezig is.
Antwoord 36
Een huisartspraktijk moet wel open zijn tijdens bepaalde uren van de dag en bepaalde dagen van de week. Dat ligt vast in contracten met verzekeringsmaatschappijen. Vrijwel iedere praktijk is open van 8 uur 's morgens tot 5 uur
's middags. Een huisarts mag ook beslissen om bijvoorbeeld in het weekend of 's avonds praktijk te houden. Ik doe dat zelf niet.
Antwoord 37
Als je eenmaal huisarts bent, hoef je niet nog een keer naar een school om verder te leren. Je moet natuurlijk wel op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen in het vak. Daarom gaan huisartsen ook minimaal 40 uur per jaar naar
nascholingsbijeenkomsten.
Antwoord 38
Het is een druk vak en dat neemt veel tijd in beslag. Er is nog wel vrije tijd over. Het is voor iedereen weer verschillend of je die tijd voldoende vindt of niet.
Antwoord 39
Iemand kan best huisarts zijn en tegelijkertijd ook apotheker, buschauffeur, kinderoppas en noem maar op. Toch lijkt het mij niet verstandig om zoveel beroepen te combineren, want je moet je ook wel ergens op concentreren om er een
beetje goed in te zijn.
Antwoord 40
De meeste patiënten wonen in de buurt van hun huisarts. Als een dokter bij een patiënt op bezoek gaat, is dat dus ook meestal dichtbij. In grote steden kan een huisarts meestal niet patiënten die ver weg wonen bezoeken,
omdat het te druk is in het verkeer. Dan zit zo'n dokter de hele dag in de auto. Ik woon in een kleine stad en daar hebben de dokters hun patiënten verspreid over de hele stad en dat kan ook wel omdat het verkeer in onze stad
niet zo druk is dat we er de hele dag in de file staan. Een bezoek aan de patiënt noemen huisartsen een visite. In het begin vond ik dat een beetje een raar woord. Een huisarts maakt een visite of legt een visite af bij een
patiënt.
Antwoord 41
Een dokter moet veel kunnen onthouden, omdat je heel veel dingen moet weten om het vak uit te oefenen. Je moet het menselijk lichaam goed kennen en weten wat er fout kan gaan en hoe je dat kunt herkennen. Verder moet je weten hoe je
een kwaal weer beter kunt maken en dat is vaak niet eens simpel. Vragen stellen heeft hier mee te maken. De meeste informatie van een patiënt krijgt de dokter uit het verhaal van de patiënt. Daarnaast zal de dokter vaak vragen
stellen om dat verhaal nog wat duidelijker te kijgen. Nog belangrijker is, dat de dokter goed kan luisteren naar de patiënt en met de patiënt kan praten om de goede informatie te krijgen. Soms zorgt het gesprek met de dokter
er voor dat de patiënt beter begrijpt hoe zijn klacht in elkaar zit en soms is dat al voldoende om zelf verder te kunnen.
Antwoord 42
Dat weet ik niet goed, want huisartsen werken nu eenmaal niet in ziekenhuizen. Dokters die in ziekenhuizen werken, worden specialist genoemd. En ja, die werken ook heel veel uren per week.
Antwoord 43
Als ik een dokter moet huren die tijdelijk mijn werk overneemt, betaal ik daar ongeveer € 50,-- per uur voor.
Antwoord 44
Dat hangt een beetje af van de huisartsenpost waar je bij hoort. Als daar veel dokters bij aangesloten zijn, zullen de diensten minder vaak, maar wel drukker zijn. Bij kleinere posten hebben de dokters vaker dienst en die zijn dan vaak
ook iets rustiger. Ik heb gemiddeld één keer per week dienst bij een kleine post.
Antwoord 45
Ja, ik vind het heel erg leuk. Ik schrijf in deze "FAQ over het vak" heel vaak over drukke werkweken en dat het aardig zwaar is om huisarts te zijn. Dat komt ook doordat er opvallend veel vragen over komen. Het is prachtig om
huisarts te zijn èn je moet er veel voor over hebben om het te mogen zijn.
Antwoord 46
De basisarts heeft alle dingen geleerd die alle dokters moeten weten en kunnen, ongeacht hoe ze verder gaan specialiseren. Een basisarts heeft de studie geneeskunde met succes afgerond en moet dus alles kunnen wat een arts behoort te
kunnen. Hij is alleen nog niet gespecialiseerd in één van de takken van geneeskunde.
Antwoord 47
De doktersassistente (ja, het is nog steeds meestal een vrouw)is niet meer iemand die alleen de telefoon aanneemt en de afspraken regelt. Laboratoriumonderzoek zoals het nakijken van urine op blaasontsteking hoorde al lang bij haar
activiteiten. Tegenwoordig heeft de assistente nog grotere verantwoordelijkheden. Ze doet vaak de uitstrijkjes voor hetonderzoek naar baarmoederhalskaker. Vaak heeft ze eigen spreekuren voor diverse aandoeningen, hoge bloeddruk,
botontkalking, wratten, overgangsklachten. Verder doet ze allerlei wat meer technische onderzoek: het maken van ECG's en het uitvoeren van longfunctie-onderzoek.
Antwoord 48
Als je in dienst van en baas bent, regelt die werkgever de verzekering tegen arbeidsongeschiktheid. De meeste huisartsen hebben een eigen bedrijf en moeten de verzekering bij ziekte en arbeidsongeschiktheid zelf afsluiten. Meestal is
het een verzekering die pas uitkeert als je een maand ziek bent. In die eerste maand is het gebruikelijik dat de collegae van de huisartsengroep de praktijk waarnemen. De patiénten gaan dan voor dringende gevallen naar de dokters
van de huisartsengroep.
Antwoord 49
Een goede beheersing van het Engels is wel erg belangrijk voor de studie, omdat heel veel studieboeken in het Engels geschreven zijn. Geneeskunde is een internationaal beroep. De resultaten van wetenschappelijk onderzoek worden heel
vaak in het Engels beschreven. Ik denk trouwens dat er geen enkele studie aan een universiteit is, waarvoor Engels helemaal niet belangrijk is. Misschien is wiskunde een uitzondering?
Antwoord 50
Het beroep is zowel lichamelijk al geestelijk zwaar. Lichamelijk zwaar is het vooral door de vele uren die er in een werkweek van de huisarts zitten. Het gaat voor een volledige werkweek gemakkelijk om 55 uur per week en vaak wel meer.
Daarnaast is een werkdag van een huisarts ook vaak lang; na een dag werken volgen er nog zes uren op de huisartsenpost als je dienst hebt. Nachtdiensten doen huisartsen niet in ploegendienst zoals in een fabriek, maar af en toe een
nacht midden in de week. Het kost mij na een nachtdienst wel een dag of drie voor ik weer terug in mijn ritme ben. Het is geestelijk zwaar, omdat je de hele dag goed moet kunnen luisteren en serieuze gesprekken moet voeren. Daarnaast
hebben we vaak te maken met belangrijke emoties van de patiënt. Daarin moet je je kunnen inleven. Dat kost energie. Soms gaat het om spannende spoedgevallen. Huisartsen moeten ook de hele dag hun aandacht verplaatsen bijvoorbeld
van een verkouden kind naar een patiënt met een zwaar hartinfarct of met een psychiatrische stoornis of begeleiding van eenernstig zieke kankerpatiënt. Daarnaast moet de huisarts ook organisator zijn van de praktijk,
personeelsfunctionaris en nog veel meer. Het is dus wel erg afwisselend maar veel wisselen kost ook energie.
Antwoord 51
Heel in het kort ga ik om met patiënten zoals ik zelf ook benaderd zou willen worden. Natuurlijk heeft iedere huisarts een eigen stijl, net als de bakker of een leraar. Daarom lukt het iedere patiënt wel om een dokter te
vinden die bij hem of haar past.
Antwoord 52
Patiënten uit andere culturen krijgen natuurlijk dezelfde behandeling en bejegening als andere patiënten. Het kan vanwege de taal wel eens lastig zijn om deze patiënten te begrijpen. Verder is het ook wel eens lastig om
op dezelfde golflengte met hen te communiceren omdat in andere culturen soms andere dingen van een dokter worden verwacht. In Nederland zijn dokters gewend dat een patiént met een gesprek al is geholpen. In de meeste andere landen
verwachten de patiénten dat ze tenminste een medicijn krijgen voorgeschreven. Overigens zijn er ook culturele verschillen tussen een huisarts en een autochtone patiént. Een Twentenaar kan zich vaak ook het beste in de
streektaal uitdrukken. In het begin begreep ik dat ook niet altijd meteen.
Antwoord 53
Vier part-time assistentes, een POH-somatiek en een POH-GGZ en een arts werken in mijn praktijk, maar niet allemaal in loondienst.
Antwoord 54
Hier in de streek zijn er nog steeds meer mannelijke dan vrouwelijke huisartsen. nu er veel meer vrouwen tot arts worden opgeleid dan mannen, zouden er wel eens gebieden in Nederland kunnen zijn, waar meer vrouwelijke huisartsen op een
huisartsenpost werken.
Antwoord 55
Met die € 50,-- bedoel je waarschijnlijk het uurloon van de huisarts op de centrale huisartsenpost. Dat is inmiddels wel iets verhoogd, maar het is nog steeds veel te weinig. Het werk van de huisartsenpost wordt niet betaald per
uur, maar per verrichting. Als je dat per uur zou uitreken, kom je op een veel hoger bedrag uit dan die € 50,--, want daar zitten ook kosten in voor de chauffeur, assistente, directie, kantoorkosten etc. Dat doet een loodgieter
natuurlijk ook. Die brengt de vaste kosten van het bedrijf ook in rekening bij het uurloon. De loodgieter die het werk doet, krijgt natuurlijk niet het uurloon dat op de nota staat. Huisartsen houden aan een nachtdienst netto zo'n
€ 30,-- per uur over. Dat is wel schandalig weinig. Daarom vind ik dat we moeten stoppen met die diensten en dat een ander bedrijf het werk maar moet overnemen tegen marktconforme tarieven.

